Zoek je “bestbetaalde ZZP-beroepen”, dan vind je overal dezelfde lijst. Consultants boven, zorgverleners onder, gerangschikt op één getal: het gemiddelde bruto uurtarief per vakgebied. Knab publiceert zo’n ranglijst zelf, jaarlijks, op basis van een enquête onder ruim 20.000 zelfstandig ondernemers. Andere sites nemen hem over.
Wat geen van die lijsten doet: doorrekenen wat er van dat tarief overblijft. Een bruto uurtarief is de vraagprijs, niet het inkomen. Daartussen zit een keten van niet-declarabele uren, kosten, belasting en reserveringen, en die keten werkt niet voor elk vakgebied hetzelfde. We namen de zeven vakgebieden met de meest zuivere Knab-data en haalden ze door de rekenkern van Peil: van bruto uurtarief naar wat je zelf overhoudt.
Consultants vragen het meest, en dragen ook het meest af
Bovenaan de bruto-ranglijst staat de consultant (niet-IT), met een gemiddeld uurtarief van €121. Reken dat door, en het beeld verschuift.
Bij 1.288 declarabele uren per jaar, de aanname die we voor alle zeven vakgebieden gelijk houden, komt deze consultant op €155.848 omzet. Daar gaat €5.000 aan zakelijke kosten van af. Dan de belasting: €57.263,63, oftewel 36,7% van de omzet. Wat overblijft is €93.584,37 netto na belasting. Trek daar €2.400 AOV en pensioen van af (€200 per maand) en een buffer van 15%, €13.677,66, en er staat €77.506,71 inkomensruimte. Gedeeld door de 1.288 declarabele uren is dat een netto-effectief uurtarief (NER) van €60,18.
Van elke bruto euro die deze consultant factureert, blijft nog geen helft over. Het bruto tarief van €121 resulteert in een NER van €60,18: een daling van 50,3%.
Onderaan de lijst is de fiscus milder
Onderaan de Knab-ranglijst staat de verzorgende, met een gemiddeld tarief van €46 per uur. Dezelfde rekensom, een andere uitkomst.
1.288 declarabele uren à €46 is €59.248 omzet. Min €5.000 kosten. De belasting: €10.589,25, dit keer 17,9% van de omzet, minder dan de helft van het aandeel dat de consultant kwijt is. Netto na belasting: €43.658,75. Min €2.400 AOV en pensioen, min €6.188,81 buffer, en er blijft €35.069,94 inkomensruimte over. Gedeeld door 1.288 uur is dat een NER van €27,23, een daling van 40,8% ten opzichte van het bruto tarief.
Hoe meer je vraagt, hoe groter de hap
Zet de twee naast elkaar, en er ontstaat een patroon dat geen enkele bruto-ranglijst laat zien: het belastingdeel van de omzet, het deel van elke gefactureerde euro dat naar de Belastingdienst gaat, groeit mee met het tarief. Bij de verzorgende is dat 17,9%. Bij de consultant bijna het dubbele: 36,7%.
Dat komt niet doordat consultants harder worden gepakt. Het komt door de vorm van de inkomstenbelasting zelf. Box 1 werkt in oplopende schijven: 35,75% tot €38.883 winst, 37,56% tot €78.426, en 49,50% daarboven. Een verzorgende met €54.248 fiscale winst blijft grotendeels in de eerste schijf. Een consultant met €150.848 fiscale winst valt voor een fors deel in de hoogste schijf. Zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling verzachten dat voor iedereen, maar het zijn een vast bedrag en een vast percentage: ze wegen relatief minder mee naarmate de winst stijgt.
Het gevolg voor de ranglijst: het bruto tarief van de consultant is 2,6 keer zo hoog als dat van de verzorgende. Zijn NER is nog maar 2,2 keer zo hoog. Verdubbel je tarief, en je houdt geen dubbele NER over, want de belasting eet een steeds groter deel van elke extra euro op. (Wil je dat mechanisme stap voor stap zien voor je eigen situatie, in plaats van voor een sectorgemiddelde? Dat rekenen we uit in uurtarief berekenen als ZZP’er.)
De andere vijf vakgebieden
Tussen deze twee uitersten liggen vijf andere vakgebieden, elk met hetzelfde patroon: hoe hoger het bruto tarief, hoe groter het belastingdeel.
- IT / softwareontwikkeling: €94/u bruto, NER €47,87/u (belastingdeel 34,0%)
- Marketing & communicatie: €82/u bruto, NER €42,74/u (belastingdeel 31,7%)
- Copywriter: €78/u bruto, NER €41,03/u (belastingdeel 30,7%)
- Grafisch ontwerp: €72/u bruto, NER €38,47/u (belastingdeel 29,2%)
- Bouw & techniek: €61/u bruto, NER €33,72/u (belastingdeel 25,6%)
De volledige tabel, met een link naar de specifieke Knab-pagina per vakgebied en de publicatiedatum, staat in de ZZP Tarief-index 2026. Staat jouw vak er niet bij: dan was er voor dat vakgebied geen zuivere publieke mediaan om mee te rekenen. Liever zeven eerlijke cijfers dan tien met valse precisie.
Waarom je deze ranglijst nergens anders ziet
Elke bruto-ranglijst van ZZP-tarieven is in feite een enquête-uitkomst: vraag genoeg zelfstandigen wat ze rekenen, en middel het. Dat is precies wat Knab doet, en het is nuttig werk. Maar een ranglijst op wat je overhoudt, kun je niet enquêteren. Wat iemand overhoudt hangt af van zijn kosten, zijn declarabiliteit, zijn AOV, zijn buffer, en een belastingketen met schijven, aftrekposten en kortingen die niet lineair werken. Dat vraag je niet aan 20.000 mensen. Dat reken je door.
Deze index doet dat met dezelfde rekenkern die onder de Peil-app zit, met de belastingcijfers van 2026: zelfstandigenaftrek, MKB-winstvrijstelling, de drie schijven van box 1, de heffingskortingen en de ZVW-bijdrage. Om de zeven vakgebieden eerlijk te vergelijken, gebruiken we voor allemaal dezelfde aannames in plaats van een aanname per sector die het verschil zou kunnen vervormen: 1.288 declarabele uren van in totaal zo’n 1.741 gewerkte uren per jaar (74% declarabiliteit), €5.000 zakelijke kosten, een buffer van 15% van het netto-inkomen, €200 per maand AOV en pensioen, en de status van gevestigd ondernemer, zonder startersaftrek. Dat is de eerlijkheid achter deze ranglijst: niet elk vakgebied zijn eigen aanname geven om het gat groter of kleiner te laten lijken, maar iedereen door dezelfde keten laten lopen.
Dat is meteen ook de beperking. Jouw eigen declarabiliteit, kosten en reserveringen wijken vrijwel zeker af van deze vaste aannames, dus jouw persoonlijke NER wijkt ook af van het sectorgemiddelde. Voor een verzorgende is €200 per maand aan AOV bijvoorbeeld een fors deel van het inkomen; voor een consultant een schijntje, en in de praktijk schaalt zo’n premie vaak juist mee met wat iemand verdient. Deze index is gemodelleerd vanuit publieke tariefdata, geen gemeten Peil-data: het bruto tarief per sector komt van Knab, de rest is de rekenkern van Peil.
Je eigen getal, niet het sectorgemiddelde
Een ranglijst op bruto tarief vertelt je wat een vakgebied vraagt. Deze vertelt je wat een vakgebied, gemiddeld en met vaste aannames, overhoudt. Geen van beide is jouw getal, want jouw declarabiliteit, kosten en tarief zijn niet het gemiddelde.
Bereken je eigen NER met de cijfers van 2026. Gratis, zonder account.